Kritisch Bekeken

door BERNARD SCHENK

(scheidsrechter en regiocorrespondent Zuid II van De Scheidsrechter)


Rapportage

Vorige week ontving ik de ranglijsten met promovendi en degradanten. Ik moet constateren dat in de lagere groepen vanaf categorie G met begeleidingsrapporten wordt gewerkt. Maar dat er dan maar maximaal twee of bij sommige scheidsrechters hooguit één rapport is uitgebracht.

Er worden door de meeste scheidsrechters wel meer dan twintig wedstrijden per seizoen gefloten en die krijgen hooguit twee rapporten. Dan gaat de geluksfactor een erg grote rol spelen en krijgen scheidsrechters in deze groepen geen betrouwbaar beeld over een heel seizoen.


Tombola

Daarom noem ik het al jaren een tombola en neem het ook niet serieus. Mijn belangrijkste drijfveren om wedstrijden te leiden zijn plezier, lichamelijk actief zijn en bijdragen tot de spelvreugde van teams. Daarnaast ben ik nog ambitieus, prestatiegericht en doe er nog alles aan via training en leefpatroon om een fitte scheidsrechter te zijn.

De waardering van de verenigingen na de wedstrijd is voor mij een belangrijk meetpunt, maar ook ik en anderen met mij willen door de KNVB serieus genomen worden en dat voel ik mij met het huidige begeleidingssysteem niet.


Nieuw systeem

Drie jaar geleden mocht ik meepraten in Zeist over het toenmalige rapportagesysteem en daar maakte ook de toenmalige COVS-voorzitter Pol Hinke deel van uit. Wij concludeerden toen dat door het afnemend aantal rapporteurs er op korte termijn een andere beoordelingsvorm moest komen, waardoor scheidsrechters over een heel seizoen meer meetmomenten zouden krijgen en er een eerlijker beeld zou ontstaan.

Tot op heden moet ik concluderen dat er nog steeds geen verbetering te constateren valt en dat het er alleen maar minder op wordt. En dat ondanks de belofte van de voetbalbond dat er hard gewerkt zou worden aan een alternatieve rapportagesysteem, waarbij eventueel ook de verenigingen zouden worden ingeschakeld.


Geluksfactor

De situatie is nu dat een iets minder jonge scheidsrechter, die niet in aanmerking komt voor een of ander talententraject, maar wel nog ambitie toont, aan zijn lot wordt overgelaten en afhankelijk wordt van één of twee geluksmomenten op seizoenbasis. Kortom de geluksfactor.

Dat moet de KNVB toch niet willen en het is voor een aantal nog goed functionerende scheidsrechters een argument om er het bijltje bij neer te gooien en een andere keuze te maken. Er schijnt nu ergens in het land een pilot gedraaid te hebben waar de verenigingen zijn betrokken bij een beoordelingssysteem, maar men is daar niet open over.


Promotiekansen

Verder moet ik constateren dat in groep G in Zuid II, het district waar ik in fluit, meer dan 85 scheidsrechters actief zijn en dat er daar maximaal acht uit promoveren (nog geen 10%). Het zou toch veel beter zijn om meer mensen promotiekansen te bieden, waardoor meer collega’s nog gemotiveerder worden en niet teleurgesteld raken en afhaken.

Natuurlijk moet je er dan in een andere groep ook meer laten degraderen, maar als er dan het volgend seizoen weer meer kansen zijn op promotie krijg je ook meer competitie.