Spotlight op... Herman Doodeman

Beeld uit de wedstrijd WMC-sv Koedijk uit 2016.

Herman Doodeman (65) uit Abbekerk blikt tevreden terug op omvangrijke loopbaan in arbitrage

Na meer dan duizend potjes is het mooi geweest

Door LEO BLANK


Hij heeft het niet precies bijgehouden. Maar in de bijna 44 jaar dat Herman Doodeman de fluit hanteert voor de KNVB moet hij zeker meer dan duizend wedstrijden hebben geleid. Na dit seizoen vindt de 65-jarige inwoner van het Noord-Hollandse Abbekerk het mooi geweest. “Nu komt er ook tijd voor andere activiteiten op zondag.”

Bewust koos hij de vroegere AOW-leeftijd als eindstation: “Ik zie soms oudere collega’s van in de zeventig, die niet meer uit de middencirkel komen. Dat wil ik zelf niet meemaken.”


Eerste elftal DWB

Doodeman kan trots terugblikken op een imposante loopbaan als arbiter bij de amateurs. Hij floot zijn eerste wedstrijd op 21-jarige leeftijd. Op zaterdag bij de jeugd, want de zondag was gereserveerd voor DWB in het naburige De Weere. Herman: “Ik heb twaalf seizoenen in het eerste gevoetbald, op het middenveld. Daarna ben ik tot mijn veertigste blijven spelen in het tweede team, dat helemaal bestond uit oud-spelers van de hoofdmacht.”

Hij floot vier jaar zijn wedstrijden bij de jeugd. Toen volgde de overstap naar de lagere seniorenteams. “Dat vond ik maar niks. Slecht voetbal, daar was voor mij geen eer te behalen. Ik overwoog zelfs te stoppen”, blikt hij terug.


Promoties

Zo ver kwam het gelukkig niet. De jonge arbiter ging twee seizoen achtereen een stap omhoog en kreeg steeds vaker duels tussen eerste elftallen toegewezen. “Het niveau sprong omhoog. Er waren uitwisselingen met de afdelingen Amsterdam en Haarlem. Mocht ik in mijn eentje naar Halfweg, een heel avontuur!”, kan hij zich nog goed herinneren.

Nadat Herman definitief de voetbalschoenen aan de wilgen had gehangen, stapte hij als scheidsrechter over naar de zondag. Hij schopte het tot groep 3 van de KNVB, de huidige groep F. Hij had nog hoger kunnen reiken, maar zag daar in 2006 zelf van af: “Ik zag op tegen verre reizen naar Utrecht en Amersfoort. Had ook een beetje de angst dat ik dat niveau niet aan zou kunnen. Ik heb daar geen enkele wroeging over. Ik wil niet verder dan een half uur autorijden om mijn wedstrijden te fluiten.”

“Ik had ook geen zin in die conditietesten. De coopertest deed ik wel, maar toen de bond overstapte op de shuttlerun-formule haakte ik af. Niets voor mij. Daardoor degradeerde ik in 2008 naar groep 4, het enige jaar dat deze test verplicht werd gesteld voor handhaving in dezelfde groep. Aangezien ik inmiddels 54 jaar was had ik er geen moeite mee om de laatste jaren in de regio te fluiten.”


Promotiewedstrijden

Al jaren acteert de Noord-Hollander op het niveau dat hem past als een jas. Hij vertelt over leuke ervaringen. Over drukbezochte promotiewedstrijden waar hij volop complimenten kreeg voor zijn rustige manier van leiding geven. Herman ontving ooit als dank de Gouden Speld en het diploma Scheidsrechter van Verdienste van de KNVB. Maar echt onder de indruk was de stoïcijnse ex-bankmedewerker niet: “Ik ben niet zo van de kouwe drukte. Ben ook meer een einzelgänger dan teamspeler. Laat mij maar lekker mijn gang gaan.”


Opstootjes

Er waren ook enkele nare ervaringen. Met opstootjes op het veld tussen spelers, begeleiding, assistent-scheidsrechters. “Ik heb daardoor twee keer een wedstrijd vroegtijdig moeten staken. Er moest zelfs politie aan te pas komen nadat een grensrechter een trainer een kopstoot in het gezicht had uitgedeeld. Diens bril lag in tweeën op het veld. Ik was blij dat ik in mijn auto op de snelweg naar huis reed.”

Het kwam tot een zitting bij de tuchtcommissie in Amsterdam. “Maar dat stelde niets voor. Ik had niets toe te voegen aan mijn rapport. Binnen enkele minuten stond ik alweer buiten. Nooit meer iets van gehoord ook”, vertelt Herman cynisch.

Herman Doodeman in huiselijke omgeving. Foto Leo Blank.

Herman Doodeman met kleinzoon tijdens de wedstrijd Victorio Obdam tegen WMC in 2018.

Rust uitstralen

Hij noemt als sterke punten in zijn arbitrage de rust die hij wil uitstralen op het veld en zijn prima conditie. “Ik deel weinig kaarten uit, los het liever mondeling op. Geef overigens niet bij iedere beslissing tekst en uitleg, zoals je in het internationale topvoetbal tegenwoordig vaak ziet. In dat opzicht ben ik nogal autoritair. Soms ben ik te mild, vlucht ik in een gele kaart waar een rode misschien niet had misstaan.”

Hij houdt zijn conditie iedere vrijdagmiddag op peil bij zijn club DWB. Herman: “Dan maak in het veld speelklaar voor de jeugdwedstrijden op zaterdag. Daarna train ik een uur voor mezelf. Duurloop, sprints, rekken en strekken. Ik kan het in de wedstrijden nog prima bijbenen.”


Penningmeester

Hij doet nog veel meer bij de club. Was jarenlang penningmeester, zit tegenwoordig in de jeugdcommissie en elke zondag voor of na zijn eigen wedstrijd is hij daar wel op een van de velden te vinden. “Ik woon in Abbekerk, maar leef in De Weere.”

Herman zet zich ook in voor de strijd om de West-Friesland Cup voor jeugdteams (jongens en meijes), die ieder voorjaar onder de vlag van scheidsrechtersvereniging West-Friesland wordt gehouden. De vereniging leidt momenteel een slapend bestaan bij gebrek aan voldoende leden en kader.


Gezinsuitstapjes

Voorheen werd Herman Doodeman bij wedstrijden altijd trouw vergezeld door zijn vrouw Truus en één of meer kinderen. “Ze gingen mee tot op de Veluwe. Dat waren leuke uitstapjes met het gezin. Truus zorgde nog jarenlang daarna voor prettig gezelschap. Maar door gezondheidsproblemen lukt dat nu niet meer. Ben ik dus altijd alleen op pad.”

Herman wordt op eigen verzoek al jaren niet meer gerapporteerd. Hij heeft ook niet zo’n hoge pet op van die beoordelingen. Zelf stond hij ook zeven jaar met pen en aantekenboekje langs de lijn om collega’s te rapporteren. “Maar daar ben ik mee gestopt. Ik kon mijn ei niet kwijt in het nieuwe rapportagesysteem. Ik wilde het goed doen, dat lukt niet met de huidige werkwijze, waarbij er van alles en nog wat per minuut genoteerd moet worden. Heeft volgens mij geen zin, vooral niet als een scheidsrechter de bevindingen pas weken later onder ogen krijgt.”


Krantenbezorger

Na zijn vertrek bij de bank is de Abbekerker niet in een groot zwart gat gevallen. Herman vermaakt zich prima: “Ik sta zes dagen per week vóór zes uur op om dagbladen te bezorgen. Ik lees zelf veel en kijk veel voetbal op tv. Internationaal, nationaal en zelfs op regionaal niveau. Ik ben gek op het spelletje.”


Kleinzoon

Binnenkort gaat hij ook zeker bij zijn kleinzoon kijken als die gaat voetballen bij Victoria-O in het naburige Obdam. Herman ziet er al naar uit: “Hij mocht al eens de bal naar het veld dragen toen ik daar vorig jaar moest fluiten. ‘Ik word ook scheidsrechter’, wist hij al precies. Dat wachten we maar rustig af. Misschien ga ik ook wel iets doen op het vlak van begeleiding van jonge scheidsrechters. Maar dat weet ik nog niet precies. Los daarvan, er komt nu ook tijd voor andere activiteiten op zondag. We zijn vrijer in ons doen en laten dan de afgelopen 44 jaar.”

Herman Doodeman tijdens de wedstrijd WIRON 1 – DESS 1 in 2017.


Geen smartphone


Herman Doodeman is waarschijnlijk een van de weinige amateurscheidsrechters zonder smartphone. “Ik heb nog een ouderwetse waarmee je alleen kunt bellen.” Noodgedwongen maakt hij gebruik van een smartphone van de thuisclub om de formaliteiten met spelerspassen en wedstrijdverslag te vervullen. “Gaat over het algemeen prima. Alleen had ik een tijdje geleden geen signaalontvangst toen ik me met een geleende smartphone terug trok in mijn kleedkamer. Is ook weer opgelost, haha.”